 Lichamelijk verandert er bij pubers een heleboel tegelijk. Ze groeien hard, eerst in de lengte, dan in de breedte en worden geslachtsrijp. Het is dan ook begrijpelijk dat pubers met al die snelle lichamelijke veranderingen het gevoel van zekerheid even kwijt kunnen zijn. Ze moeten op zoek naar zichzelf, naar een nieuwe identiteit, hun eigen kwaliteiten leren kennen en daar verder vorm aangeven. Dat is een heel karwei.
Eerst dachten we dat het puberbrein zo rond het twaalfde jaar wel helemaal volgroeid zou zijn, maar dit blijkt niet het geval! Het puberbrein groeit nog wel door tot het 23ste jaar (en misschien nog wel langer). Vooral in de zogenoemde cortex vindt nog een reorganisatie plaats. Deze reorganisatie heeft als gevolg dat uw puber op allerlei zaken heftiger kan reageren. Uw kind is continue op zoek naar grenzen en het verleggen hiervan.
Erbij willen horen
Bij een puber vinden er dus volop veranderingen plaats. Was u eerst als ouder de belangrijkste persoon in zijn leven, nu zullen zijn leeftijdsgenoten steeds meer een rol gaan spelen. Hun mening wordt belangrijker dan die van u. Pubers zijn druk bezig met het conformeren aan de groep (erbij willen horen). Maar ook al lijkt het alsof hij u haast niet nodig heeft, dat is wel degelijk zo.
Probeer als ouder te genieten van de ontwikkeling die uw puber doormaakt. Door positief te reageren en hem of haar positief te blijven benaderen, zal u een goede band met hem houden.
Drie gouden regels
- Zorg dat uw puber voldoende slaapt;
- zorg dat uw puber goed en gezond eet;
- weet waar uw puber uithangt.
Voor persoonlijk advies kunt u terecht bij de Jeugdgezondheidszorg.
Meer lezen over het opvoeden van pubers
|