Faalangst kan optreden als er bepaalde prestaties van een kind verlangd worden. Het is de angst om niet te voldoen aan de gestelde eisen. Die eisen kunnen gesteld worden door de omgeving, maar ook door het kind zelf. Echte faalangst leidt tot mindere prestaties. Er komt niet uit wat er in zit. Bovendien geeft faalangst heel nare gevoelens, die het zelfvertrouwen behoorlijk ondermijnen.
Waaraan herkent u faalangst?
Mogelijke lichamelijke klachten zijn: onrust, veel transpireren, snel blozen, hartkloppingen, hyperventileren, droge mond, stotteren, trillende handen, vermijden van oogcontact, vaak naar het toilet moeten, buikpijn, hoofdpijn, misselijkheid en/of verminderde eetlust.
Voorbeelden van psychische klachten zijn: nervositeit, angst, verlegenheid, teruggetrokken gedrag, geen vragen durven stellen, geen uitleg durven vragen, initiatiefloos, niet voor zichzelf opkomen, nadoen van andere kinderen, vermijdingsgedrag, negatief zelfbeeld, weinig zelfvertrouwen, neiging tot piekeren, moeite hebben met nieuwe situaties, slapeloosheid, extreem veel tijd aan huiswerk besteden, agressie, brutaal of clownesk gedrag.
Door de faalangst, onrust en spanning kan je kind niet meer geordend en logisch denken, het is niet meer taakgericht en efficiënt met het werk bezig. Dit kan leiden tot slechtere prestaties.
Wat kunt u doen als ouder?
- Neem faalangst serieus, laat uw kind merken dat het niet iets afwijkends is;
- benader uw kind op een positieve manier;
- zorg voor situaties waarin uw kind succesvol kan zijn;
- wees niet te beschermend, neem niet alles uit handen, dat versterkt de faalangst;
- geef geen onuitvoerbare opdrachten als 'wees spontaan, perfect of flink'. Niemand is perfect en flink en spontaan kun je niet op bevel zijn;
- voorkom dat uw kind vermijdingsgedrag ontwikkelt. Begeleid uw kind bij de voor hem of haar moeilijke situaties;
- prijs uw kind regelmatig, maar niet voor de eigenschappen waar het zelf niets aan kan doen (je bent mooi of slim). Prijs liever het doorzettingsvermogen, de inspanning of het gedrag;
- leer uw kind zelf bewuste keuzes te maken;
- toon belangstelling voor het functioneren op school;
- geef zelf het goede voorbeeld! Raak niet in paniek in moeilijke situaties.
Omdat bij faalangst het moeten presteren op school vaak een grote rol speelt, is het belangrijk om de faalangst van uw kind met de leerkracht te bespreken. Een leerkracht kan op verschillende manieren een kind met faalangst positief begeleiden.
Een aantal kinderen zal, ondanks de steun en begeleiding die zij van hun ouders en de leerkracht krijgen, toch professionele hulp nodig hebben. Het is belangrijk dat u dan tijdig hulp inschakelt.
Nadere informatie
|